Hierdie is die LitNet-argief (2006–2012)
Besoek die aktiewe LitNet-platform by www.litnet.co.za

This is the LitNet archive (2006–2012)
Visit the active LitNet platform at www.litnet.co.za


 
Taal | Language > Nederlands | Dutch > Recensies

Dienstreizen van een thuisblijver: De straf van het schrijverschap


Hendrik-Jan de Wit - 2011-09-29

Dienstreizen van een thuisblijver
Maarten 't Hart
Serie:
Privé-domein nr. 272
Uitgever:
De Arbeiderspers, Amsterdam
ISBN:
987 90 295 7358 0
Prijs:
€ 19,95
Pagina's:
320


De notoire thuisblijver Maarten 't Hart ervaart het als een straf van het schrijverschap: de verplichte activiteiten. Signeersessies, lezingen geven in afgelegen provincieplaatsen en het aanwezig zijn op de grote boekenbeurzen in bijvoorbeeld Frankfurt of Leipzig. Voor Maarten 't Hart is het een verschrikking. Zijn boodschap luidt al op de eerste bladzijden van Dienstreizen van een thuisblijver: Ga niet schrijven en geef vooral geen boek uit: het leidt tot dit verdrietige bestaan.

In plaats van je aan te moedigen je terug te trekken op je zolderkamer voor de productie van een nieuw boek, wil de uitgever je overal op laten draven. Doe het niet, word geen schrijver, adviseert Maarten 't Hart aan al die schrijvers in de dop. Het is funest voor je. Je mag de rest van je dagen slijten met de verplichtingen aan lezers en meereizen met collega-schrijvers die geen woord tegen je zeggen.

Persoonlijk relaas

En er wordt heel wat aan je getrokken, bewijst Maarten 't Hart in het persoonlijk relaas van zijn schrijversbestaan dat onlangs is uitgebracht. Het boek heeft de veelzeggende titel meegekregen Dienstreizen van een thuisblijver. Niet dat alle van de 18 hoofdstukken zich in den vreemde afspelen, maar geschreven wordt er niet veel in de interessante ontboezemingen die Maarten 't Hart doet.

Eigenlijk zou hij het liefste een kluizenaar zijn, schrijft hij in dit nieuwe boek uit de serie Privé-domein van de Arbeiderspers. In 1984 schreef Maarten 't Hart ook al voor deze prachtige egodocumentenserie waarin ook de dagboeken van Bertold Brecht, A.F.Th. Van der Heijden en Arthur Japin verschenen. Het vorige boek van Maarten 't Hart kreeg de veelbelovende titel Het roer kan nog zesmaal om. Niet dat het roer nog zesmaal is omgegaan. De aard van het beestje dat Maarten 't Hart in 1984 was, is in 2011 alleen maar versterkt.

SM-kelder in catacomben kerk

In de biografische essays uit 1984 behandelt hij nog veel uit zijn jeugd en opvoeding. Het gereformeerde geloof is een zwaar leidmotief in Het roer kan nog zesmaal om. In Dienstreizen van een thuisblijver speelt het geloof voornamelijk een bijrol. Maarten 't Hart zet het geloof vooral komisch in. Dat gebeurt bijvoorbeeld als hij meegaat met een predikante in het verhaal 'De catacomben'. Ze wil hem graag op het orgel van haar kerk laten spelen. Haar vriendin vindt het echter ook heel belangrijk dat hij eerst de SM-kelder te zien krijgt in de catacomben van het kerkgebouw. Niet dat ze deze zelf gebruiken voor hun vrouwenavonden. De catacomben worden ook verhuurd aan een 'chique strenge meesteres met een gefortuneerde klantenkring'.

Maarten 't Hart weet in dit verhaal de predikante heel mooi neer te zetten. Hetzelfde doet hij met zijn schrijvende medemens. Zo maakt hij een reisje met een flinke delegatie Nederlandse schrijvers naar het Zweedse Göteborg. Hij is in eerste instantie helemaal niet uitgenodigd. Verheugd als hij daarover is, treedt de teleurstelling bij hem op als zijn vertaalster met succes pleit dat hij meegaat. Hoe kunnen ze hem – de Nederlandse schrijver die de laatste jaren het meest vertaald is – thuislaten?

Voor 't Hart is er slechts één reden om naar Göteborg te reizen: de componist Smetana die het zonnige Praag verruilde voor het grimmige Zweden. Als hij op de gastenlijst ook nog eens zijn collega Anna Enquist ziet staan, ziet hij het als een gelukkige wending van het lot. De schrijfster van Het geheim waarin Smetana een hoofdrol speelt, gunt hem echter geen blik en geen woord waardig. Zo wordt het alsnog een reis waarin Maarten 't Hart alleen op zoek gaat naar de vrijwel uitgewiste sporen van de Tjechische componist in Göteborg.

Slapeloosheid

Reizen en slapen in vreemde bedden betekenen voor 't Hart slapeloosheid. Hij doet geen oog dicht in een vreemd bed. Wellicht dat dit het grootste probleem is voor hem. Een leesreis maken zoals veel Duitse auteurs doen, is een loodzware opgave. Als ochtendmens is hij 's avonds – juist als de lezingen gehouden moeten worden – niks waard.

De huidige Duitse uitgever berust erin dat 't Hart niet doet aan lezersreizen. Daarom komen de horden journalisten en lezers nu gewoon naar Maarten 't Hart toe. Hij moet ze zelfs verjagen uit zijn tuin. Soms doen ze zich voor als journalist terwijl ze het niet zijn. Zoals de moeder en dochter in het verhaal 'Een behulpzame bok'. Het verhaal roept veel associaties op met de ouderlingscène in Een vlucht regenwulpen. Werkt in de roman de verteller zelf de ouderlingen de deur uit, de nepjournalisten verjaagt 't Hart van zijn erf door zijn bok Jozef op ze af te sturen.

Het boek bevat veel van dit soort lachwekkende passages. Hiermee bevestigt Maarten 't Hart dat hij erg geestig kan vertellen. Het zijn de hoofdstukken waarin het gelijk ondergeschikt staat aan het verhaal. In overigens zeer boeiende verhandelingen zoals over de zaak Lucia de B. maakt de humor plaats voor een vorm van schrijverij waarin Maarten 't Hart zichzelf wel erg veel eer toedicht. De passages over de vroegere overbuurman Freek de Wolff geven het verhaal persoonlijke kracht. De getuige-deskundige blijft halsstarrig bij zijn standpunt omtrent de statistieken. Terwijl de statistieken verkeerd aangewend zijn in deze rechtszaak. Maarten 't Hart laat hier een mooie kans liggen om enerzijds uit de school te klappen en anderzijds de feiten om te buigen tot een persoonlijk verhaal.

Humor

Dat vind ik wel terug bij zoveel andere passages waarin de humor hoog staat aangeschreven. Zoals de reis naar Engeland waarbij 't Hart nergens de slaap kan vatten. Uitgerekend op de terugreis neemt hij een halve slaappil van zijn vriend en collega-schrijver Maarten Biesheuvel. De halve pil vloert hem dusdanig dat hij de rest van de reis in een roes aflegt.

Verderop in 'Een vogelspin' vertelt Maarten 't Hart op onnavolgbare wijze over de verwarring van een lezeres. Ze haalt hem en Maarten Biesheuvel door elkaar. Maarten 't Hart doorbreekt een ongemakkelijke stilte door te vertellen over de verwarring van een vrouw bij een signeersessie. Ook die vrouw haalde de twee Maartens door elkaar. Dan krijgt ook de vrouw met de lange nagels die tegenover hem zit in de gaten dat hij niet Maarten Biesheuvel is: 'Ze frontste haar wenkbrauwen. Ze keek me verbaasd, haast wantrouwig aan, vroeg toen streng: “Ben jij Maarten Biesheuvel dan niet?”' (105)

Bemoederende uitgever

Het zijn karakteristieke momenten uit de herinneringen van Maarten 't Hart die de verhalen zo mooi kleuren. De typering van zijn Hongaarse vertaler Béla Szondi is ontroerend en de bemoederende Duitse uitgever Frau Raabe van Arche Verlag is ronduit hilarisch. Frau Raabe vormt een mooie tegenhanger van de sullige verteller Maarten 't Hart. Hij maakt zich tot een leidend voorwerp die geleidelijk in de val van deze uitgever valt. Ze weet hem zelfs tot een reis naar de Leipziger Buchmesse te verleiden.

Hoe het zit met het 'pflegen' van de schrijvers waar Frau Raabe zo vaak naar refereert in haar kennismaking, ontdekt Maarten 't Hart geleidelijk. In het Duits betekent 'pflegen' niet alleen 'verplegen', maar ook 'verzorgen', 'koesteren' en 'vertroetelen'. Vooral het laatste is van toepassing voor Maarten 't Hart. Dat voor het vertroetelen een vorm van vertroetelen terug wordt verwacht, stoort Maarten 't Hart steeds meer. Frau Raabe blijkt niet alleen een uitgever te zijn:

Ooit was zij, zoals ze mij bij zo'n zondagmorgentelefonade toevertrouwde, als 'Lektorin' begonnen, en eigenlijk was ze nog steeds Lektorin. Daar was ze steengoed in, en daar kon ook ik van profiteren, want zoals Frau Lettinga mijn boeken bij de Arbeiderspers redigeerde, dat leek waarlijk nergens op. Dus vanaf de tweede vertaling die bij Arche Verlag verscheen, stelde zij de meest uiteenlopende wijzigingen voor. [...]

Bij elk volgende boek drong ze aan op ingrijpender wijzigingen, inkortingen, veranderingen. 'Kürzen, streichen, redigieren', bleek haar parool. Graag wil ik toegeven dat er aan mijn teksten veel te verbeteren valt, maar Frau Raabe aasde niet op verbeteringen, maar bleek er vooral op uit te zijn alles te 'streichen' wat op politiek en religieus terrein voor opschudding zou kunnen zorgen, of als kwetsend zou kunnen worden ervaren. (179-180)

Het gladstrijken van alle ongerechtigheden doet Maarten 't Hart uiteindelijk de das om. Niet de torenhoge schuld aan uitstaande royalty's. Ze zou voor meer dan een half miljoen Zwitserse frank hebben uitstaan aan De Arbeiderspers en Maarten 't Hart. Rekeningen die ze niet kan betalen, zegt ze. Geld waar Maarten 't Hart en zijn Nederlandse uitgever naar kunnen fluiten: 'Je kunt nog zoveel verkopen, maar als je royalty's niet worden uitbetaald, dan blijf je arm.' (182)

Onbekende kant van schrijversbestaan

In Dienstreizen van een thuisblijver schetst Maarten 't Hart een kant van het schrijversbestaan waar weinig over geschreven wordt. Als erover geschreven wordt, is het in lovende termen. De twintig  Nederlandse schrijvers die begin september China bezochten, kwamen met mooie verhalen thuis. De kritiek van de Nederlandse pers ging vooral over de keuze van de schrijvers om zich zo uitvoerig te laten meenemen in de Chinese propaganda. Terwijl tientallen Chinese schrijvers in ballingschap leven en niet in hun land mogen worden uitgegeven, lieten zij zich als eregast vertroetelen op de boekenbeurs in Beijing.

Een schijnheilige vorm van politieke correctheid. Hoeveel Nederlanders nemen niet Chinese producten af of bezoeken het land bij een Chinareis? Ook hoorde ik dit geluid weinig bij de Olympische spelen in 2008. Een schrijver als Maarten 't Hart weet er wel raad mee. Hij blijft het liefste weg van zulke gelegenheden. In een vreemd bed vat hij de slaap niet. Dus met politieke correctheid heeft het weinig van doen.

Schijnheilig boontje

Maarten 't Hart is op zijn manier ook een schijnheilig boontje. Hij heeft het publieke optreden allerminst afgezworen. Voor het boek zelf verscheen hij in diverse televisieprogramma's en gaf hij verschillende interviews. Ook bracht hij met evenveel graagte de nieuwe biografie over F.B. Hotz, Geluk kun je alleen schilderen van Aleid Truijens onder de aandacht bij het televisieprogramma De wereld draait door.

Een biografie die hij ook had moeten schrijven, zo kwam daar aan de orde in het betreffende vraaggesprek op televisie. Dat staat niet in Dienstreizen van een thuisblijver. Daar schrijft Maarten 't Hart alleen over de biografie van Simon Vestdijk die hij zou moeten schrijven. Hij ziet ervan af, ondanks herhaaldelijk aandringen van Martin Ros.

Overigens laat Maarten 't Hart genoeg ruimte over de biografie alsnog te schrijven. Hij zegt namelijk dat Vestdijk het symfonisch werk van Gustav Mahler prachtig vindt. Maarten 't Hart kan dit niet begrijpen. Hij vindt de liederen van Mahler prachtig, maar de symfonieën verschrikkelijk. Voor Maarten 't Hart reden om niet aan een biografie over het leven van Simon Vestdijk te beginnen. Voor mij klinkt het als een smoesje.

Het advies dat Maarten 't Hart aan zichzelf geeft om biografen het voor hem lastig te maken, is:

Wat dus te doen? Zo veel mogelijk alle sporen uitwissen, alle dagboeken verbranden, alle e-mails deleten. Verstuurde brieven kun je helaas niet vernietigen, dus komt het erop aan zo weinig mogelijk brieven te schrijven, en in die weinige brieven niets van jezelf prijs te geven. Wat er bovendien verder ook maar zou kunnen dienen om zo'n biografie te vervaardigen, zal ik blijmoedig verdonkeremanen. Goddank heb ik nooit in mijn leven agenda's gehad of gebruikt, dus daar kan geen biograaf ooit enig houvast aan ontlenen. (99-100)

Maarten 't Hart weet dat het Aleid Truijens ook gelukt is om zonder het archief van F.B. Hotz een vuistdikke biografie te schrijven. Het ontbreken van een archief hoeft geen enkel beletsel te zijn voor de toekomstige biograaf van Maarten 't Hart.


Almere, 18 september 2011